Grof Huisvuil

Dit weekend was opruimweekend ten huize van de man, een aanhangwagen vol met rommel die de weg naar de stort nog moet vinden, dat zal vandaag gebeuren. De eerste van velen, die nog zullen volgen, Sttt. mondje dicht, vertel de man niets..:-)

Het doet mijn gedachten terug gaan naar jaren geleden, het moet 1988 geweest zijn.

Ik ben al de hele maandag bezig de schuur op te ruimen, alles uit te sorteren, wat weg kan en wat nog even de voorkeur van de twijfel geniet. Zoals gewoonlijk zijn er weer dozen vol met troep en ook nog een paar grotere stukken die aan de weg gezet moeten worden, voordat dinsdag, in alle vroegte de vuilniswagen arriveert om alles mee te nemen.

Jongste zoon, op dat moment nog een ondermaats mormeltje van een jaar of 13, helpt mee de rommel naar buiten te dragen en gaat daar gestaag mee door, ruimt ondertussen ook de door snorders veroorzaakte rommel weer op. Terwijl ik nog meer nieuwe slooprijpe bende bij elkaar raap van de bovenste planken van het wandrek, komt hij onthikt binnenrennen dat iemand hem een draai om de oren verkocht heeft buiten. Briesend als een leeuwin met jongen, loop ik met hem mee naar buiten, om de onverlaat ter verantwoording te roepen. “Zo” zeg ik dreigend tegen een jonge twintiger met auto “wat denk je eigenlijk dat je aan het doen bent”.
“Hij liep te rommelen in die dozen, daar moet ie met zijn handen afblijven” verdedigt de twintiger zich.
“Hij was de troep die jullie snorders achterlaten weer aan het opruimen” bijt ik de twintiger toe.
“En nou maken dat je weg komt en blijf van mijn spullen af ” sis ik woedend.
Op dat moment steekt een blondje haar hoofd uit het portierraampje en probeert vriend lief te verleiden weg te gaan, nu !
Maar de twintiger is nog helemaal niet van plan om op te geven, en gooit het tijdelijk over een andere boeg. “Denk je dat ik dit voor mijn lol doe” zegt hij wat klagerig.
“Ik zie anders niemand die jou met een pistool op je hoofd, het bevel geeft om in mijn spullen te snorren” bits ik terug.
Het gedrag van de twintiger draait als een blad aan de boom om “moeten er klappen vallen” schreeuwt hij nu dreigend.
“Tuurlijk moet je vooral doen” brul ik terug.  Ik plant mijn benen een eindje uit elkaar om stabieler te staan, buig me iets naar voren en wenk naar hem, “kom dan grote jongen, wil je vechten, kom maar op als je durft, toe dan, toe dan”.
Langzaam schuifel ik een paar kleine stapjes naar achter, zodat ik weer in mijn eigen voortuin sta, hij komt dreigend op me aflopen, razend en tierend, in stilte bid ik dat hij niet uithaalt want zelfs een klein duwtje is al genoeg om me uit mijn evenwicht te halen. De twintiger nadert me nu zo dicht dat ik hem bijna aan kan raken. “Toe dan, roep ik overmoedig, maar met bonzend hart “ik heb toch de zwarte dan in jutsu ” lieg ik er oplos. Dan klinkt er harde doordringende gil uit de mond van het blondje en de twintiger rent er als een haas vandoor, een kort moment voel ik de triomf van de overwinning, dan duikt er links en rechts van mij een zoon op, elk van hen met een groot keukenmes in de hand.

 

Eén gedachte over “Grof Huisvuil”

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *